Tot Heil des Volks
Evangelisatie, hulpverlening en profetisch geluid

In de tweede helft van de negentiende eeuw leefde een groot gedeelte van de Amsterdamse bevolking in armoede. Naast de rijke buurten met prachtige grachtenpanden, was er ook een buurt waar kinderen niet naar school gingen, waar honger geleden werd, waar de werkloosheid hoog was en de veelal grote gezinnen in kleine, vervallen ruimtes woonden. Die buurt was de Jordaan. In diezelfde periode ontstond er een beweging van geestelijke vernieuwing die later zou worden aangeduid als het Réveil. Staatsman Groen van Prinsterer, dichter Isaäc da Costa en dominee O.G. Heldring waren drie van de voormannen van deze beweging. Verschillende predikanten die al jaren de christelijk boodschap preekten, kwamen tot een levend geloof in Jezus Christus. Eén van hen was Jan de Liefde.

havelooze_kinderen_THDV_1908Het Evangelie voor de armen
Het effect van deze geestelijke vernieuwing bleef niet beperkt tot een kring intellectuelen. God opende de ogen van de Réveilmensen voor de nood van de armen. In september 1849 liep Jan de Liefde door de straten van de Jordaan. Getroffen door de diepe armoede die hij zag, vroeg hij zich af of hij iets zou kunnen doen. De Liefde benaderde ene mevrouw Schouten, die bezig was met het schoonmaken van viskisten, met de vraag of hij bijbellezingen in haar huis mocht houden. Dat mocht. Aanvankelijk was er niet veel belangstelling. De eerste samenkomst werd bezocht door drie vrouwen en een blinde orgeldraaier, maar al snel kwamen honderden mensen luisteren naar de woorden van dominee De Liefde.

Bijbel en turf
De Liefde begreep dat je mensen niet het evangelie kon vertellen zonder om te zien naar hun lichamelijk welzijn. In 1855 richtte hij daarom de Vereniging Tot Heil des Volks op. Er werden scholen voor haveloze kinderen gestart, waar kinderen niet alleen onderwijs, maar ook kleding, voedsel en een bad kregen. Naai- en breischolen voor vrouwen, zondagscholen, avondscholen voor volwassenen, volksvoorlezingen, armenzorg, zusterkringen, kinderkerken en scholen voor bejaarden volgden. Materiële en geestelijke hulp gingen bij al deze activiteiten hand in hand.

Ontwikkeling
In de jaren zestig veranderde er veel in Amsterdam. De welvaart nam toe. Gezinnen trokken uit de stad en scholen liepen leeg. Hippies kwamen. Druggebruik deed zijn intrede. Normen vervaagden. Deze veranderde situatie bracht veel nieuwe problemen, maar ook nieuwe kansen met zich mee. Onder leiding van J.J. Frinsel sr., de toenmalige directeur van de Vereniging Tot Heil des Volks, kreeg het werk een nieuwe wending. In de Willemsstraat (Jordaan) opende een opvangcentrum voor verslaafden haar deuren. Begin jaren zeventig werden twee scholen tot jeugdhotel omgebouwd om de grote stroom jeugdtoeristen een veilig onderdak te bieden. Eén in de Jordaan en één in de rosse buurt. Een bureau voor christelijke hulpverlening aan mensen die worstelden met homofiele gevoelens vond ook een plekje in de Willemsstraat. In de jaren tachtig ging onder de naam Scharlaken Koord het evangelisatie- en hulpverleningswerk onder prostituees van start.

De eenentwintigste eeuw
De afgelopen jaren ontwikkelde het Heil nieuwe activiteiten en sloten bestaande instellingen zich aan bij de organisatie. Tot Heil des Volks blijft voortdurend in beweging. We spelen in op behoeften die ontstaan in kerk en maatschappij door nieuwe activiteiten te ontplooien, terwijl bestaande projecten zich ontwikkelen, en nieuwe wegen te vinden om relevant te zijn in een veranderende cultuur.

Bekijk hier een oude film over de rosse buurt, gemaakt door Tot Heil des Volks (bron: Stadsarchief Amsterdam)

Jan_de_Liefde_kleinDs. Jan de Liefde